Showing posts with label open letter. Show all posts
Showing posts with label open letter. Show all posts

04 August 2012

Enter the exterminator

Je had gelijk.

Ga schrijven en het komt vanzelf.

Het is maar een begin. Maar het is een begin.

Ik zelf kom niet in het verhaal voor. Jij trouwens ook niet.

20 July 2008

Contrast

Lief,

Vanmiddag zag ik dat je hyvesaccount is opgeheven. Jammer.

Ik kwam er regelmatig. Niet om te krabbelen, als ik iets wil zeggen dan bel ik je, wel om naar de foto’s te kijken. Een manier om op de hoogte te blijven van je reilen en zeilen, een glimp van je leven door middel van beelden.

Beelden die ik zelf thuis niet zie, beelden in schril contrast met onze schrijfsels en gesprekken. Huiselijke beelden, of zeg maar gewoon burgerlijke beelden. Van het groeien van je kinderen via de bank die van het midden van de kamer naar de linkermuur verhuisde tot aan het groeien van je haar. Ik kijk graag naar levens van anderen. Ik kijk graag naar jouw leven. Ik kijk graag naar jou. Door de foto’s voel ik me, hoe minimaal dan ook, deelgenoot.

Wil je me de foto mailen waarop je met je dochter in je armen in je witte zomerjurk op het strand staat?

x,
S

29 July 2007

Sick memory syndrome

Liefje, je moet me niet bellen en al helemaal niet op zaterdagochtend. Ik haat telefoon en al helemaal op zaterdagochtend. Mijn lichaam doet het nog niet en mijn hoofd al helemaal niet. Ik wil niets doen op zaterdag.

Niets doen is lekker, maar wetend dat je aan me hebt gedacht maakt me gek, haalt de rust die ik gewoonlijk heb, weg. Wat ben je gaan doen, toen ik niet opnam? Heb je mijn nummer maar meteen gewist? Laat je me nu al in de steek? Net zoals al die anderen? Wie heb je gebeld om je hart uit te storten, om je opnieuw aangewakkerde onzekerheid door een eenvoudig staaltje negeren, te laten ontkennen?

Welke kleur vind jij leuk? Er moet nog veel gebeuren maar ik doe niets, ik weet niet wat jij wil. Je went aan de dozen midden in de woonkamer. Het heeft eigenlijk wel wat. Industrial look. Een maand later weet je wat je hebt gebruikt. Niet veel dus, alles wat ongebruikt is gebleven kan direct naar de vuilcontainers. Maak je niet ongerust, je landt zacht. Er zit veel oude kleding bij.

Als ik aan jou denk, dan denk ik automatisch aan hen en ik wil niet aan hen denken. Ik heb ze begraven, ze zijn dood, allemaal. Maak me onrustig en ik ga ze zoeken want ik ga je vergelijken, van sommige ben ik vergeten waarom ze zijn gestorven. Niet waardoor, ik neem de verantwoordelijkheid voor mijn daden. Breng me niet in de verleiding.

Van ellende heb ik, toen ik de telefoon heb uitgezet, mijn exen door de zoekmachines gehaald. Het werd een magere oogst. Wel een prachtige foto rijker, om mezelf nog meer te kunnen kwellen.

Ondanks de overbevolking van het internet met de uit hun voegen groeiende vuilnishopen van dagboeken, fotoalbums, community’s, weblogs en videofilmpjes blijken er nog genoeg mensen over die er zichzelf geen plek hebben verworven, die hun geschiedenis feilloos verborgen houden in hun fotoboeken op zolder. Op zolder doe ik andere dingen.

Je went aan de kale muren, al mis ik jullie foto. En ik weet niet in welke doos de foto is opgeborgen. Wat vind je van de foto? Vind je ze mooi? Ik dweep met ze, weet je dat? Bij gebrek aan eigen heldendom stort je jezelf op andere helden. Bij gebrek aan een eigen identiteit loop je anderen achterna. Ik loop jou ook achterna. Nooit gemerkt?

Jeugdige onbezonnenheid tegenover een volwassen bitterheid. Over een maand ben je weg, dan is het over. Uit het oog - uit het hart, wat je niet ziet is er niet.

Kom langs, ik wil zien waartegen ik praat. De leugenachtigheid vanaf het gezicht is duidelijker dan vanaf de stembanden. Het is niet de spiegel, die hangt recht. Het zijn de kasten, die staan scheef.

Waarom belde je eigenlijk? Overmoedig geworden?

De mobiele telefoon als eerste levensbehoefte, ik heb ergens iets gemist. De zapcultuur is achterhaald, het moderne leven voltrekt zich reactief. Ply with reply, play with replay. Beter dan toen wordt het niet. Het was mooi, laten we het dan ook mooi houden. Jouw uitnodiging is niet meer dan een dagje Artis. Ga daar dan ook heen, zoek daar je eigen voorbeelden maar. Nieuwsgierigheid in plaats van oprechte interesse. Ik heb niets aan kijkers, ik moet een koper hebben. Het is goed, laten we het dan ook goed houden. Beter dan nu wordt het niet.

Liefje, je moet me niet bellen en al helemaal niet op zaterdagochtend. Niets doen wanneer er veel is te doen is lekker. Niets doen wanneer je niets hebt te doen is verveling. Thanks for reminding me, nu is mijn hele weekend naar de kloten. En bedankt.

11 April 2006

Verhaal

Een verhaal op commando is moeilijk. Te schrijven of te vertellen. Veel verhalen, maar of ze het waard zijn te vertellen weet ik niet. Wat vorige week leuk was is nu al weer over. Wat een half jaar geleden leuk was gaat nooit meer over.

Tegenover je zitten zou makkelijker zijn. Je gezicht vertelt of het verhaal moet doorgaan of een wending moet nemen. Of moet stoppen. De interactie van communicatie. Je geeft aan, je vult aan. Je raakt aan.

Wanneer je weet van de problemen van de ander, de strijd van de ander, dan lijken je eigen verhalen zo niet - belangrijk. Wat is er interessant aan wat ik vertel wanneer ik weet wat er zich in je hoofd afspeelt? Aan wat er zich in je baarmoeder niet - afspeelt?

Of het goed gaat? Wat is goed is altijd mijn tegenvraag. Ik heb het druk, weinig tijd om te denken. Ik heb gekozen voor deze levenswijze, mijn manier om te vluchten. Wanneer ik ga denken gaat het fout. Ik kan maar beter bezig zijn.

Het is stil aan het worden. De wereld wordt kleiner en kleiner, zoals ik ook schreef op mijn eigen log. Wekenlang begon elk stuk dat ik wilde schrijven met die zin. Gevolgd door eenzaamheid, narcistisch geleuter en misplaatste jaloezie. In mijn nieuwe stukken val ik steeds vaker in herhaling, andere woordkeuze en zinsopbouw, hetzelfde verhaal. Ik denk steeds vaker dat ik alles heb gezegd. Mijn wereldbeeld is duidelijk. Mijn zelfbeeld ook. Daar heeft het schrijven aan meegeholpen. Zet het maar op papier en lees je eigen woorden. Ja, het klopt wel wat er staat. Jij - jullie - hebben daar ook aan meegeholpen. De spiegel. Weerkaatsing.

Een stukje lifelog dan maar? Het werk gaat goed, ik ben een van de steunpilaren van het team, lig goed bij het management. Stervensdruk maar so what. Ik vind werken leuk. Communicatietrainingen gedaan. Het zijn spelletjes, dat wist ik al maar nu ken ik ook de spelregels. Ik pas me aan en speel het spelletje mee. Goed vol te houden gedurende de acht uur betaalde arbeid, daarna moet ik heel snel weg. Vraagtechnieken, luistertechnieken. Het even - tot - tien - tellen leerde ik in de kroeg al. Nu noemen ze het anders, het komt allemaal op hetzelfde neer. De ander laten uitrazen, begrip tonen, meebewegen. Een fijn stukje zelfverloochening. Ik heb afgeleerd meteen vol in de tegenaanval te gaan. Mijn norse, ongeïnteresseerde blik werkte als een rode lap op de spreekwoordelijke stier. Zo lelijk zijn de meeste ook, anders was ik wel geïnteresseerd geweest. Mensen die ik leuk vind en ongelijk hebben, geef ik gelijk.

Het gaat goed, ik haal mijn pensioen er wel. Wil je daar je pensioen halen is een andere kwestie. Haal ik mijn pensioen? Heb ik wat te willen? Wanneer ik daar over nadenk draai ik alweer door. Ik moet regelmaat hebben, anders zou ik mijn bed niet meer uitkomen. Of niet meer achter de computer vandaan komen. Ik moet een reden hebben om op te staan en de deur uit te gaan. Het bedrag dat elke maand wordt gestort is een goede reden.

We zijn allemaal hoeren, we gebruiken andere lichaamsdelen maar het komt op hetzelfde neer.

Het café is minder. De sfeer is weg. Het broederschap is weg. Voorheen werd ik ernaar toe gezogen, nu is het ook werk geworden. Gewoon werk, een avondje een café runnen. U vraagt, ik draai. Ik draai op routine mijn avonden, flirt niet meer. Drink een stuk minder, dat ook. Onlosmakelijk met elkaar verbonden. De slet die een echte slet bleek te zijn, alleen mocht ik het niet zeggen. Zeg de waarheid en mensen worden kwaad. Ik deed het vroeger bij mijn ouders. Mijn vader nooit meer gezien, mijn moeder naar een inrichting. Wat woorden niet allemaal kunnen aanrichten. Schelden doet geen zeer leert elke kleuter wanneer hij of zij wordt gepest. Ik zeg niet dat ik slim ben, wel dat de rest dom is.

Ik dacht dat ik speciaal was, niemand is onvervangbaar. Iedereen zijn eigen agenda zonder inkijkfunctie. Mijn belang is niet het belang van de ander. Individuen, allemaal op zoek naar eigen gewin. Ik heb van het soleren een vak gemaakt, ik kan overleven. Maar overleven is geen leven.

Verhalen wil je horen. Je gaat ze horen. Met op de achtergrond het water van de ouderkerkerplas. Op commando. Het gaat nooit meer over.

26 September 2005

Klimrek

Bedankt voor je uitnodiging trouwens. Ik kom alleen niet. Ik kan het goedkope excuus gebruiken dat ik de nacht ervoor moet werken, dat ik op zondag moet bijslapen voor de hele week. Of dat je te ver weg woont. Gelul natuurlijk. Eigenlijk ben ik gewoon bang dat je me niet leuk genoeg vindt.

Natuurlijk wil je veel mensen om je heen, vreugd en zielen enzo. En dus ook mensen die iets minder leuk zijn. Al je vrienden nemen hun kinderen mee. Ik heb geen kind. Ik kom omdat ik jou leuk vind, omdat ik jou wil zien. Omdat ik van jou wil genieten. En ik ben zo bang dat het stil genieten wordt. Iedereen praat met elkaar, de kinderen spelen iets verderop bij de klimrekken en de glijbaan.

Ik heb eigenlijk niets te zeggen. Ik heb geen kind om naar te wijzen of verhalen over te vertellen, over school, over de gym, over zwemles, over de dierentuin. Ik ben bang dat ik er maar een beetje bij hang. Schaapachtig luisteren naar wat er niet gezegd wordt. Bedenken wat er niet gedaan wordt en wat ik graag zou willen doen. Ken je dat ongemakkelijk gevoel?

Ik kan het excuus gebruiken dat het overdag is. Overdag ben ik stil, bedachtzaam, in mijzelf gekeerd. Overdag drink ik niet. Ik ben een avondmens, beter, een nachtmens. ’s Avonds bloei ik op, om vervolgens ’s nachts los te gaan. Om ’s nachts toe te slaan. ’s Avonds wordt er gedronken. ’s Avonds wordt er opgebouwd. Overdag bouw je niets op. Overdag wordt er gewerkt, daar is de dag voor bedoeld.

Misschien klikt het wel helemaal niet tussen ons. En dan? Wachten tot ik lang genoeg aanwezig ben geweest om met goed fatsoen weer naar huis te kunnen gaan? Weet je wel hoe lang die treinreis dan duurt? Lang. Heel lang. Dat wordt een lange reis met teveel tijd en te weinig afleiding om niet aan je te hoeven denken. Denken aan hoe je me zonder woorden afwijst. Denken aan hoe je middenrif net iets teveel naar hem is gericht. Lichaamstaal. Koud staal.

Hoe meer zielen hoe meer vreugd. Kinderen worden meegebracht aan de ene hand. Picknickmanden in de andere. Iedereen neemt wat mee. Ik neem mijn ziel mee. Onder mijn arm.

Mee terug naar huis.